2 december 2010 is de verschijningsdatum van het rapport van de commissie van drie over het UWV. Dit rapport is belangrijk met name ten aanzien van de toekomst van het UWV en welke taken deze instelling zou moeten hebben in verband met de invoering van de wet werken naar vermogen. Deze wet beoogt immers, dat een aanzienlijk deel van de reintegratiegelden die tot dan toe door het UWV gebruikt werden, overgaan naar de gemeenten aangezien de gedeeltelijk arbeidsongeschikte Wajongers onder de nieuwe wet werken naar vermogen zouden moeten vallen die decentraal uitgevoerd moet worden door de gemeenten. Het lijkt erop dat memo 3 en memo 5 op deze materie betrekking hebben. Eigenlijk gaat het sowieso om de vraag, of er nog wel een apart uitvoeringsorgaan moet bestaan voor de uitvoering van werknemersverzekeringen zoals de WW, de Wajong, de Ziektewet en de WIA of WAO. Daarin spelen figuren uit de wereld van de pensioenfondsen als adviseur een rol. (Oa bij de advisering over het tot standkomen van de WIA). En de gemeenten spelen natuurlijk een rol in het naar zich toe trekken van bevoegdheden. Minister Kamp heeft tijdens de verkiezingen gezegd, dat hij voorstander was van afschaffing van het UWV. Globaal blijken er drie standpunten te zijn over de toekomst van het UWV, waarbij het vooral ook gaat om de organisatie van de arbeidsbemiddeling van werklozen en waar die gelden naartoe gaan. (Afgezien van de bezuinigingen) De gemeenten willen zichzelf een grotere rol toebedelen en dat willen de politieke partijen in de Tweede Kamer VVD, CDA en PvdA ook. Het tweede standpunt wordt ingenomen door de werkgevers, die een grotere rol zien weggelegd voor uitzendbureau’s in de bemiddeling en niet bij de gemeenten of het UWV. En het derde standpunt wordt ingenomen door de vakbonden, die alles bij het oude willen laten. In feite is er een ontwikkeling op gang gekomen, waarbij in de toekomst het UWV, waarop sterk zal worden bezuinigd, alleen nog zijn expertise op het gebied van keuringen zal inzetten en de arbeidsbemiddeling geheel verdwijnt bij dat instituuut. Bij het UWV werkten in 2011 20.000 mensen, ruim 10.000 minder dan bij de oprichting in 2002. De bedoeling is dat er nog duizenden banen gaan verdwijnen. Nu al werken de UWV en de gemeenten samen op de werkpleinen, hoewel van een algehele integratie nog lang geen sprake is en de gemeenten en het UWV nog veel langs elkaar heen werken. Het driemanschap publiceerde begin december 2010 haar bevindingen, vlak voor de datum van de eerste memoset die ons werd toegestuurd. De resultaten van het rapport van de commissie van drie zal in deze memoset verwerkt zijn. Je zou dus kunnen zeggen dat de hoofdlijnen van de ontwikkeling en van het beleid eind december 2010 al vaststonden. ]]>
zaterdag 13 november 2010
Waarom komen uitkeringsgerechtigden niet in verzet. Deel II
Ditzelfde is ook in Frankrijk, waar het gezegde is, dat iedere Fransman wel een werkloze in zijn naaste familie heeft, en dus begrip heeft voor de standpunten van de werklozen. Hoe dit zich momenteel in Nederland ontwikkelt weet ik niet. Aan de ene kant zorgt het overheidsbeleid voor een sterke tweedeling van een soort onderklasse van kanslozen met weinig contacten in andere groepen versus een gegoede middenklasse die neerkijkt op de werklozen. Aan de andere kant zijn de ontwikkelingen naar massa-werkloosheid op de arbeidsmarkt dat ook veel hoger opgeleiden massaal werkloos worden en geen nieuw werk kunnen vinden. Dit is in mijn ogen echter nog een vrij recente ontwikkeling, als gevolg van de economische crisis.5. Ik ben het niet eens met de stelling van sommigen, dat symbolische acties geen zin hebben. Werklozen bouwen een beweging niet op door te pogen, massale demonstraties te organiseren, maar door ontregelingsakties van relatief kleine groepen, die veel publiciteit halen. Ook dit gebeurde in het begin in Nederland in de zeventiger jaren en halverwege de tachtiger jaren en in Frankrijk. Argentinie is ook een voorbeeld.
vrijdag 5 november 2010
De posities worden ingenomen
Op 8 november 2010 verschijnt een bericht in het Financieel Dagblad, waarin staat dat op het ministerie SOZAWE volgens de schrijver van het artikel ‘koortsachtig’ gewerkt wordt aan wat de grote hervorming van het kabinet Rutte moet worden: de invoering van de WWNV met haar samenvoeging van WWB, Wajong en WSW. Een woordvoerder van de staatssecretaris laat weten dat de concrete invulling van het plan een maand later komt, bij de behandeling van de begroting van Sociale Zaken in de Tweede Kamer.
De woordvoerder laat verder weten dat de ruim 100.000 mensen met de indicatie ‘sociale werkplaats’, de dans ontspringen. Zij behouden hun beschutte werkplek.Cedris, de branchevereniging voor de sociale werkvoorziening (WSW) stelt alvast nuchter vast dat dit weinig ruimte creëert voor de 19.000 mensen op haar wachtlijsten. ‘In 1998 zijn de WSW-eisen verscherpt. Er zitten bij ons nog mensen van voor die tijd die naar de huidige maatstaven geen sociale werkplek zouden krijgen’, zegt voorzitter Joan Leemhuis-Stout. Lees het volledige bericht op de website van het Financieele Dagblad.
De vraag is, in hoeverre het artikel in het Financieel Dagblad van 8 november 2010 juist is. Uit een toespraak van de staatssecretaris in december 2010 blijkt, dat er pas op 15 november een ambtelijk ‘programmateam’ werken naar vermogen was geformeerd, in eerste instantie onder leiding van de functionaris Petra Lugtenburg. [1]De staatssecretaris deelde mee, dat dit team sinds 15 november hard aan het werk was. Op 15 november verschijnt blijkens de ons toegestuurde stukken ook een geheim gebleven nota. Vanaf 15 november moet de staatssecretaris behoudens enkele afwijkingen iedere donderdag met het programmateam hebben overlegd. Uit verschillende memo’s blijkt dat op die dag overleg met de staatssecretaris plaatsvond. De memo’s en nota’s die ons werden toegestuurd werden meestal enkele dagen voor dat overleg samengesteld. Op 5 november blijkt, dat de onderhandelingen van het Ministerie met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en wellicht met andere maatschappelijke organisaties nog niet zijn begonnen. Op die dag wordt het congres van de VNG gehouden. Marco Florijn, toen wethouder in Leeuwarden en voorzitter van de commissie werk en inkomen van de VNG, deelde blijkens een bericht op de website van DIVOSA het volgende mee. Gemeenten kunnen en willen verantwoordelijkheid nemen voor mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. Maar ze hebben daarbij ook andere instanties nodig. De VNG wil daarom snel in gesprek met kabinet, sociale partners en onderwijsinstellingen om afspraken te maken. “We moeten geen tijd verspillen aan discussies over wie de baas is, maar stappen maken en over onze eigen schaduw heen springen”, aldus Marco Florijn tijdens het congres van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en Divosa. Florijn was toen voorzitter van de commissie Werk en Inkomen van de VNG en wethouder in de gemeente Leeuwarden. Hij wil met het kabinet, sociale partners en vertegenwoordigers van het onderwijs afspraken maken over hoe we verder moeten met één regeling voor de onderkant van de arbeidsmarkt. Wat moet er in de regeling en hoe gaan we hem uitvoeren? Florijn gaf aan dat deze afspraken niet gemaakt kunnen worden zonder daarbij de kennis en ervaring van gemeenten te gebruiken. Ook benadrukte hij de noodzaak tot samenwerking tussen gemeenten, UWV, Cedris en het ministerie van SZW.
- investeren in samenwerking met werkgevers en onderwijs: zij hebben de banen en de opleidingen om mensen te plaatsen
- landelijke inzet op samenwerking met belangrijke sectoren: de VNG wil graag met overkoepelende sectoren landelijke afspraken maken die vervolgens in de regio worden opgepakt
- duidelijkheid van het kabinet over budgetten, verantwoordelijkheden, middelen en mogelijkheden
]]>
maandag 25 oktober 2010
Een zondagmiddag in Wijk bij Duurstede
Jeugdherinnering
Op mijn tenen kijkend door het raam
een dak, een plompe toren- langzaamaan
zie ik – reikhalzend naar het blauwe zwerk –
met elke halve meter groei meer kerk
zo raak ik met dit zicht op Wijk vertrouwd
ook met De Engel – minstens net zo oud
de plek waar paap, agnost en calvinist
er ouwehoert en eet en drinkt – en pist
André van Zwieten
Vandaag heb ik met familie een uitje gemaakt naar Wijk bij Duurstede. Waarom?. Zomaar. Iets speciaals te doen in Wijk bij Duurstede?. Wij denken bij het vertrek van niet. We willen gewoon eens in Wijk bij Duurstede kijken. We weten wel, dat bij Wijk bij Duurstede de resten liggen van de eerste handelsstad, die er in de Noordelijke Nederlanden toe deed: Dorestad. Zie http://www.dorestadwereldstad.nl/ Maar verder?. Onderweg komen we langs de kant van de weg , nordic walkers tegen, die op zondag een wandeling maken in het bos met in iedere hand een overbodige lange stok die ook gebruikt wordt bij het skiën. Mijn zwager zegt; ‘ Kijk daar heb je knuppelstappers’. Hij zegt dat hij deze vertaling van nordic walkers zelf bedacht heeft. Wijk bij Duurstede is een mooie stad met een stadswal, een molen, een haven, vele historische gebouwen en een kasteel. Veel te zien dus. We rijden naar een parkeerplaats dichtbij het centrum en zien een groot bord: benieuwd naar wat hier komt? Kijk op www.binnenstadswoningen.nl
Gaan ze de historische binnenstad ook hier met behulp van een grote projectontwikkelaar verpesten?We lopen wat straten en stegen door en komen op de Markt waar het raadhuis en de kerk staan. Op het raadhuis staat een prachtig gedicht van Gerrit Achterberg. We gaan koffie drinken in café- restaurant de Engel, sinds 1678. http://www.engelrestaurant.nl/
Op het raam van het café staat ook een gedicht en binnen zijn ook allerlei teksten op de muur gezet. Even naar het toilet. Ik kom een gedicht tegen van ene André van Zwieten dat een ode is aan Wijk bij Duurstede. (Zie gedicht bovenaan). Ik heb nog nooit van André van Zwieten gehoord. We zijn op de markt ook nog langs het pand van boekhandel Pettinga gekomen, met op de muur een gedicht van Vestdijk. De poëzieliefhebber komt hier wel aan zijn trekken. Ik vraag de ober in het café of al die teksten op muren buiten en in het restaurant iets met elkaar te maken hebben. Zit er een soort stadsplan achter, liefhebbers van poëzie naar Wijk bij Duurstede halen? Hij zegt van niet. ‘Een gedeelte van de teksten is er pas vorige week op gezet. Dat zijn onder elkaar en door elkaar flarden van zinnen die hier worden uitgesproken. ‘ jemig is het al zo laat’, ‘Vind maar eens iemand die dat even voor je….’. ‘Deze deur, rechts achterin, dat is de dames’, ‘Wat denk je dat dat kost zo’n tent en dat…’, ‘Waar is mijn krant?’, ‘Dat kunststof is makkelijker, dan hoef je….’ , ‘Het valt soms niet mee’, ‘Nog bekenden tegengekomen?’, ‘ Kijk, daar heb je Guus en Corry, zwaai effe’.
We lopen de Peperstraat in en zien in een etalage kindertekeningen ter gelegenheid van de Roefeldag. Had ik ook nog nooit van gehoord. Thuisgekomen opgezocht op internet. Roefelen is Vlaams voor snuffelen. Kinderen van 6 t/m 13 jaar krijgen op Roefeldag de kans om de grote mensenwereld te verkennen: een speurtocht door een winkel of eens zitten op de zetel van de burgemeester. Je komt dan op plaatsen waar je normaal niet binnen mag! Kortom, de kinderen gaan roefelen. Groepjes kinderen gaan naar verschillende plaatsen en winkels. In Wijk bij Duurstede was de Roefeldag op dinsdag 19 oktober.
We lopen verder en komen meer gedichten van die André tegen. Op de ruit van een vormalige slagerij en op de ramen van ‘Books and Art’, www.librabooksandart.com. Op de hoek van de straat met de Oeverstraat komen we een schoenwinkel tegen met gedichten van André. Ook verderop in de Oeverstraat winkels met gedichten van André. Oa op de pui van notariskantoor Sprenkels. En op het kantoor van een bedirjf voor bedrijfstrainingen, www.opb.nl . We slaan linksaf richting de molen Rijn en Lek en komen langs allerlei kunstgaleries.
Bij de molen Rijn en Lek lezen we het informatiebord over de molen. Daar wordt het beroemde schilderij van Jacob van Ruysdael aangehaald die in de zeventiende eeuw de molen zou hebben afgebeeld. ik herinner mij een recent artikel in NRC Handelsblad, waarin deze theorie onderuit wordt gehaald. (Zie NRC Handelsblad pagina 20 -20 oktober 2010). De molen Rijn en Lek bij Wijk bij Duurstede is helemaal niet door Ruysdael geschilderd. Het is een heel andere molen. En het is onbekend welke. Het informatiepaneel op de molen vermeldt echter, dat het bij de molen op het schilderij van Ruysdael om een molen ging die een eindje verderop in Wijk bij Duurstede stond. Hoe zit dat nu? Klopt de zogenaamde ontmaskering van NRC Handelsblad wel helemaal?. We besluiten het later uit te zoeken. Want het begint te stortregenen en we willen naar huis. Dus we hebben het museum Dorestad en andere bezienswaardigheden nog niet bekeken. http://www.museumdorestad.nl/introductie.htm . We komen weer bij de parkeerplaats en zien daar weer ene tekst op de muur staan: ‘Roll it, light it, smoke it’. Ondertekend door Chronic Waza Peeps. Een oude traditie in Wijk bij Duurstede. De website van het museum over Dorestad vermeld een tentoonstelling uit 2006 over de roemruchte jaren zestig van de vorige eeuw. De tentoonstelling heette ‘breien en blowen’. De toemalige wethouder cultuur bewaart goede herinneringen aan die tijd.
We gaan via de kastelenroute en historische boerderijen achter Langbroek weer op pad. De boerderijen dragen intrigerende namen als de Grote Roekert, en via Leersum en Amerongen, ook een mooie plaats met historische gebouwen, rijden we over de Utrechtse heuvelrug weer naar huis. Wil je meer te weten komen over de vele gedichten in Dorestad en over André van Zwieten surf dan eens naar http://www.fransmensonides.nl/dorestad.htm
]]>zondag 24 oktober 2010
woensdag 20 oktober 2010
Armoede werkt niet
http://www.armoedewerktniet.nl/De petitie is een protest tegen het nieuwe regeringsbeleid, waarbij vooral of eigenlijk alleen de mensen met de smalste beurzen in het kader van de bezuinigingen worden gepakt. Men schept bewust of onbewust een soort onderklasse die het lot treft dat zij tot in lengte van dagen onder een soort bijstandsregiem met vermogens en partnertoets de hele week arbeid moeten verrichten waarbij ze een loon krijgen dat beneden het wettelijk minimum ligt zonder perspectief op beter en zonder dat zij dezelfde vrijheden genieten als bevoorrechte werkenden die wel een volledig salaris hebben. Deze bewust of onbewust geschapen onderklasse wordt vervolgens met strenge controlemaatregelen in toom gehouden en moet als schrikbeeld dienen voor de meer bevoorrechten, die hun onlustgevoelens op deze groep kunnen projecteren, zodat de aandacht wordt afgeleid van het belangrijkste: dat slechts een klein groepje met fabelachtige vermogens beslist over de gang van zaken in onze maatschappij. Jammer is wel dat de SP van te voren geen samenwerking heeft gezocht met anderen, om de petitie gezamenlijk op te zetten. Of is dat wel gebeurd, maar hadden andere grote organisaties die er toe doen (zoals de FNV) er geen trek in? De FNV heeft anders een vrij ferme verklaring uitgegeven. Ach, de organisaties waarin ik werk doen de dingen ook niet altijd samen met anderen. Maar juist nu en zeker op dit punt is het van belang de krachten zoveel mogelijk te bundelen lijkt mij. PvdL]]>
donderdag 30 september 2010
Over het regeerakkoord van Rutte I en een commissie die de toekomst van het UWV moest onderzoeken
Over Martin van Rijn een van de commissieleden, is het volgende bekend. Martin van Rijn hield op 20 mei 2010 een keynote speech voor aeDex, waarin hij in algemene, nogal vage bewoordingen ingaat op de gewenste, mogelijke en meest waarschijnlijke scenario’s van de combinatie maatschappelijk middenveld (waaronder instellingen in de gezondheidszorg en de woning corporaties) overheid en markt. De toespraak draagt als titel balanceren tussen overheid en markt. Een van de conclusies is dat welke combinatie van die drie ook wordt gekozen, het zal altijd leiden tot meer controle en toezicht van de overheid. Martin van Rijn was bestuursvoorzitter bij pensioenfonds PGGM, en tevens als extern bestuurder aangesteld bij uitkeringsinstantie UWV om er orde op zaken te stellen. Het UWV werd door minister Donner van Sociale Zaken op de vingers getikt vanwege een forse overschrijding van het re-integratiebudget. Van Rijn schreef een advies over een betere aansturing van het uitvoeringsapparaat van het UWV. Van de heer Kist is het volgende bekend. Hij was van 1 september 2005 tot 7 augustus 2007 lid van het bestuur van de Autoriteit Financiële Markten, waar hij eerder reeds voorzitter was van de raad van toezicht. Hij voelde zich verplicht ontslag te nemen wegens onzorgvuldig beheer van privé-beleggingen. Het in 2007 opgestapte AFM-bestuurslid Anne Willem Kist blijkt in 2007 zijn aandelen Fortis te hebben verkocht, terwijl hij op dat moment in zijn rol als toezichthouder op de hoogte was van alle details van de overnamestrijd die de bank voerde rond ABN AMRO. Tot 1997 werkte hij als advocaat in Amsterdam en Den Haag. Van 1997 tot zijn benoeming in Leiden werkte hij als directeur-generaal van de Nederlandse Mededingingsautoriteit. Van 1 januari 2003 was Kist voorzitter van het college van bestuur van de Universiteit Leiden. In 2005 legde hij deze functie weer neer. Kist is tevens raadsheer-plaatsvervanger bij het Gerechtshof te Amsterdam. In 1997 trad hij af als voorzitter van de NMA, de Nederlandse Mededingings autoriteit. Sommigen veronderstellen dat hij als voorzitter van de NMa verantwoordelijk was voor haar falen in de bouwfraude kwestie.
woensdag 9 juni 2010
Invoering van de Tijdelijke Wet Loondispensatie
Dhr. B. Schriever
Mw. C. van Wijngaarden
Mw. C. Urbanus
Mw. A. van der Giezen
Mw. A.C. den Bakker
Dhr. G.B. van Woerdekom
Mw. P.J.E.P. van der Heijden
Mw. E. Hoetering
Dhr. M. van Mierlo
Mw. E.C.M. Smits
Dhr. B.H. van Apeldoorn
Mw. E.E. Vruggink
]]>
donderdag 3 juni 2010
Het pensioenakkoord
En er waren vele voornemens in het pensioenakkoord, waarvan volgens mij niets terecht is gekomen. Tekst uit het pensioenakkoord:
zondag 9 mei 2010
Leidt verlaging van de loonkosten op het minimumniveau voor werkgevers in Nederland tot meer werk en meer kansen voor werklozen?
In Buitenhof van 9 mei 2010 was er een discussie tussen Emile Roemer, lijsttrekker van de SP bij de komende verkiezingen en Barbara Baarsma, directeur SEO Economisch Onderzoek en hoogleraar ‘marktwerking’. Het debat ging over het verkiezingsprogramma van de SP. Hierbij had Barbara de volgende kritiek, waarbij zij duidelijk uitging van het in termen van marktwerking modelmatig beschouwen van de werkelijkheid. Er zou een tegenstrijdigheid in het SP programma zitten. Enerzijds is er de doelstelling van de SP de ‘sociaal zwakkeren” te willen beschermen en hen nieuwe kansen te bieden. Anderzijds is er de bescherming van de zittende werknemers, de grote groep die werk heeft, en die een vast inkomen en enige bestaanszekerheid wil. Dat is tegenstrijdig. Want als je die sociaal zwakkeren kansen wilt geven, moet je de arbeidsmarkt flexibiliseren, het ontslagrecht versoepelen en de bruto loonkosten van de werkgevers tegelijkertijd verlagen. Mensen op het minimum kunnen dan hun koopkracht behouden door extra belastingvoordelen. En niet het minimumloon verhogen, zoals de SP wil. Die verlaging van loonkosten op het minimumniveau levert nieuw werk op, dus bevordert de werkgelegenheid, en bovendien hebben mensen die nu geen kans hebben dan wel een kans om ‘ertussen’ te komen, ook een baantje te vinden, want als het ontslagrecht wordt versoepeld en de loonkosten voor de werkgever naar beneden gaan zal hij ook bij mensen met een lagere arbeidsproductiviteit zeggen: nou, met jouw wil ik het ook wel eens proberen. En in de huidige situatie zegt de werkgever dat niet en neemt hij alleen de sterksten met een hoge arbeidsproductiviteit. Dus de SP komt op voor die sterke groep door hun positie te beschermen en niet voor de ‘sociaal zwakkeren’ zoals ze in het TV programma werden genoemd. Op twitter ontwikkelde zich een felle discussie tussen voor en tegenstanders van deze redenering, waarbij in mijn ogen voorstanders er weinig van begrepen hebben. Dat zal ik in dit artikel uitleggen.
woensdag 21 april 2010
Duizenden studenten in Amsterdam kunnen in mei een onverwacht huisbezoek van de gemeente verwachten
Studenten met een beurs voor uitwonenden krijgen een studiebeurs van 266 euro per maand en thuiswonende studenten krijgen 96 euro. Dit verschil is zo ingevoerd, omdat uitwonende studenten meer kosten hebben en huur moeten betalen. Volgens onduidelijke en vage schattingen zou er een grote groep studenten zijn, die opgeeft niet bij zijn of haar ouders te wonen, en dus ontvangen ze 266 euro per maand, terwijl ze toch thuis wonen. Er zijn ongeveer 310 duizend studenten die bij hun ouders wonen en 270.000 studenten met een uitwonenden beurs. Er wordt beweerd dat de Partij van de Arbeid vorig jaar een onderzoeksrapport heeft opgesteld, waaruit zou blijken dat 40.000 studenten frauderen met hun beurs. Staatsseceretaris Van Bijsterveld van Onderwijs zegt naar aanleiding van recente persberichten dat ‘naar ruwe schatting’ de fraude in de ‘tientallen miljoenen’ kan lopen. Concrete cijfers hebben ze dus niet.Om dit allemaal te controleren start begin mei in Amsterdam een campagne van het Ministerie van Onderwijs, met name de Dienst Uitvoering Onderwijs (voorheen de IB groep) en de gemeente Amsterdam om vele studenten thuis te bezoeken. Volgens een persbericht van het Ministerie van Onderwijs gaat het hierbij om een proef. Wat betreft de gemeente Amsterdam zullen de huisbezoeken en de controles worden uitgevoerd door controleurs van de afdeling handhaving van de Dienst Persoons en Geo informatie. Dat is de dienst die de Gemeentelijke Basis Administratie (GBA) beheert. http://www.dpg.amsterdam.nl/Daarbij zal worden gecontroleerd of studenten, die in de gemeentelijke basisadministratie hebben aangegeven ergens te wonen, daar ook daadwerkelijk wonen. Alle studenten (MBO, HBO, Wetenschappelijk Onderwijs) die studiefinanciering ontvangen zijn verplicht zich in te schrijven bij de gemeentelijke basisadministratie. Voor uitwonenden geldt bovendien dat hun GBA adres niet overeen mag komen met dat van de ouders. Of een van de ouders.Volgens het persbericht van het Ministerie zal bij de controles gebruik worden gemaakt van ‘nieuwe methoden van opsporing’. Wat die nieuwe methoden zijn vermeldt het persbericht niet. Net als in Amsterdam bij de Dienst Werk en Inkomen gaat men in de toekomst werken met zogenaamde ‘risico-profielen’. Waarbij de populatie wordt ingedeeld op basis van bepaalde kenmerken zoals leeftijd, aard van de studie, woonplaats, woonwijk, etc. Door statistische bewerkingen zouden daardoor fraudeurs sneller kunnen worden opgespoord, omdat men zich richt op degenen, die aan bepaalde kenmerken voldoen waarbij studenten met die kenmerken vaker frauderen dan anderen. Dergelijke methodisch-statistische onderzoeken om risicoprofielen op te stellen zijn voor de Dienst Werk en Inkomen uitgevoerd door wetenschappers van de Vrije Universiteit in Amsterdam. Gemeenteraadsleden in Amsterdam hebben vertrouwelijk inzage gehad in de risicoprofielen om te bepalen of er geen sprake was van discriminatie. Deze profielen zijn echter verder geheim.Het summiere persbericht van het ministerie en de informatie in de pers roept vooralsnog verschillende vragen op. Zo zou er extra worden gelet op studenten, die in dezelfde straat wonen als hun ouders. En men selecteert huizen waar veel studenten wonen. Hier stuiten we op dezelfde moeilijkheden als bij de huisbezoeken aan bijstandsgerechtigden, wanneer men daarvan poogt vast te stellen of ze ergens daadwerkelijk wonen, nl dat je niet alleen zeer diep moet graven in het priveleven van de betrokkene, maar dat de gevonden gegevens multi-interpretabel zijn en tot arbitraire beslissingen kunnen leiden. Wannneer en op basis van welke gegevens stel je vast dat een student die in dezelfde straat woont als zijn of haar ouders, in feite bij die ouders woont?De tweede vraag is wat op dit moment de sancties zijn als je een huisbezoek weigert. Dat is onduidelijk. Het persbericht van het ministerie vermeldt, dat de Wet studiefinanciering zal worden gewijzigd en dat in de wet zal worden opgenomen, dat er een verzwaring komt voor de bewijslast van de studenten, boetes, terugvordering van teveel ontvangen geld en uiteindelijk zelfs stopzetting van de beurs. Blijkbaar is dat nog niet in de wet opgenomen. Dit zou pas met ingang van het studiejaar 2011-2012 het geval zijn. Hoe kan dan nu een huisbezoek worden afgedwongen op straffe van stopzetting van de beurs?Duidelijk is dat deze nieuwe maatregelen zullen leiden tot een groot aantal juridische procedures, waarbij de wettelijke grondslag van die huisbezoeken vaag is.Het ministerie heeft aangekondigd, dat na mei 2010 de proef navolging krijgt in oa Den Haag, Rotterdam, de regio Twente en Noord-Holland Noord. Vermoed men daar meer fraude dan bv in Maastricht of Tilburg of Wageningen? Nog voor de zomer zullen in totaal meer dan duizend huizen waarin studenten wonen zijn bezocht.Piet van der Lende |